Jarenlang ben ik met Koninginnedag naar Pijnacker getogen. In de studietijd nog met de brommer. Later met de auto. Daar bestond jarenlang een traditie waterspelen te organiseren rond de vijver tegenover de sporthal. Er was een keer polsstokspringen naar een kussen op vijf meter uit de kant. Ook is er gesprongen over de sloot aan het uiteinde van de vijver. Eens was er een lang touw over de vijver. Bij de rails met een bootje, dat de vijver in reed, moest je al drijvend proberen de bel te luiden. Het is niet verstandig om dan met z'n tweeŽn te gaan. Hieronder weet een van de twee waaghalzen met behulp van de bel het onvermijdelijk nog wat uit te stellen. Terwijl de andere op het bootje staat. Om naar de kant terug te keren moet je waden en dan komt het water veel en veel hoger...

De boel wordt gesponsord door een wegenbouwbedrijf. Er staan dan een groot aantal kranen, paletten en er liggen drijvende kussens in het water. Vanaf een hoge stapel paletten mocht je richting kussen zwaaien. Als je erin slaagde op het kussen te landen, dan werd je met een bootje opgehaald. Anders moest je 'lopen'. Het was niet eenvoudig. Je hebt een reusachtige vaart en dan is het kussen niet zo groot. Vooral als je met z'n tweeŽn tegelijk gaat. Volgens mij zouden de meeste deelnemers hier dus gewoon moeten gaan lopen. 

De spelen begonnen meestal rond het middaguur en gingen door tot vier uur. Daarna werd er opgeruimd en begonnen klasgenoten op zoek te gaan om elkaar in het water te gooien. Een keer kwam ik om elf uur aanrijden en was het al voorbij. Er lag alleen nog een kussen, waarop wat jongens aan het stoeien waren. De meeste waren nog droog. Ik heb deze laatste kans om er nog wat van te maken met beiden handen aangegrepen. Ik ben op het vlot gestapt en heb de jongen op de voorgrond, die nog droog was, ondanks verwoede  pogingen van zijn vrienden hem in het water te gooien, naar de rand van het vlot geduwd. Hij vond het niet erg om nat te worden, maar hij zou mij meenemen het water in. Hoewel ik zelf eigenlijk geen haast had, slaagde hij er inderdaad in om mij mee het water in te nemen.

Het touw over het water maakte flink wat slachtoffers. Zelf kwam ik redelijk droog aan de overkant, omdat omstanders het touw voor mij omhoog duwden. Later waren ze niet meer zo aardig. Toen ik later een tweede keer ging, gingen ze met man en macht aan het touw zwieren, waardoor ik al op enkele meters van de kant roemloos kopje onder ging. Het meest dramatisch was de overtocht van de jongen in zijn zondagse kleren. Toen hij een paar meter uit de kant was en terugkeer uitgesloten, kwam hem de jongen in het witte sportbroekje tegemoet geklommen. Met z'n tweeŽn waren ze natuurlijk veel te zwaar om droog de overkant te kunnen halen. De jongen in zijn zondagse kleren liet zich niet uit het veld slaan en klom dapper verder. Hij touw boog steeds verder door en hij kwam in het water te hangen. Je kunt precies tot hoever het water gestaan heeft. Het water loopt uit zijn trui. Een lichtere rand rond zijn knieŽn laat zien, welk deel van het lichaam boven water is gebleven.

Het enige onderdeel, dat frequent terugkwam was de kabelbaan. Dat was voornamelijk bedoeld voor de jongere kinderen. Maar zo nu en dan ging er ook een oudere naar beneden. Opmerkelijk verschillend was de afloop van het avontuur. Terwijl de kleine kinderen vrijwel altijd de kant halen of als ze stil komen te hangen droog teruggehaald worden naar het startpunt, kwamen om een of andere reden de ouderen altijd precies in het midden van de vijver stil te hangen. Ook lieten ze de kraantjes, waar de kabel aan vast zat, een beetje zakken, zodat het water steeds hoger kwam te staan en geleidelijk aan het water langs de broekspijpen omhoog kroop, hoe hoog je je benen ook optrok. Het gezelschap van drie was eigenlijk al bij voorbaat kansloos, hoewel ze niet helemaal stil kwamen te hangen. Ze slaagden erin om een 'ondieper' stuk te halen alvorens ze los moesten laten.

Jongere kinderen liepen weinig gevaar. De jongen hieronder beproefde zijn geluk tot het uiterste. Hij is minstens tien keer naar beneden geweest. Alleen of met een groep. Links zien we nog een 'narrow escape' Het groepje slaagt erin met de knieŽn door het water toch nog het reddende kussen te halen. Kennelijk wilde de jongen echt een nat pak. Want op de tweede foto zien jullie, dat hij verzuimt zijn knieŽn ver genoeg op te trekken, waardoor ze stil komen te hangen op de gevaarlijkste plek. De jongen in sportkleding laat snel los en begint aan de benen van het meisje te trekken. Het water is daar zeker anderhalve meter diep. Niet lang daarna moeten ze loslaten en meer dan een paar draadjes aan hun schouder hielden ze daarbij niet droog.

In de loop van de jaren werd de organisatie steeds groter. Er kwamen optredens op de grote vijver. Soms werden de waterspelen naar de sloot verplaatst. Dezelfde jongen die tienmaal naar beneden ging, is hier wat ouder ook aanwezig. Kennelijk een wetliefhebber. Samen met dezelfde vriend gaat hij de kabelbaan af. Ruim voor het einde laten ze los en komen met een grote plons in het water terecht. Niet iedereen deed het zo rap en dapper. Anderen zaten met een probleem als ze gewoon de overkant haalden en nog een keertje wilden. Dan moesten ze helemaal rond de grote vijver lopen. Hieronder zien jullie twee jongens, die dat wat te ver vinden en proberen de sloot te doorwaden. Dat bleek geen echt goed idee. In het midden is hij behoorlijk diep. in plaats van wat natte broekspijpen zijn ze nat ruim tot halverwege hun borst.

Het aantal oudere deelnemers op de kabelbaan is altijd wat behelpen. Vlak voor of tijdens het opruimen meldde zich de onderstaande groep bij het startpunt. Het werd hun 'genadelijk' toegestaan als allerlaatste nog een ritje te maken. Het was van het eerste moment al duidelijk hoe dit af zou lopen. Ik heb geprobeerd van alle stadia van de onvermijdelijke tewaterlating foto's te nemen. Ze komen op het diepste punt van de vijver stil te hangen, maar laten zich niet kisten. Manhaftig proberen ze hun benen boven water te houden. Dan begint heel langzaam de kabel steeds lager te zakken. De oudste geeft de moed op en laat zijn benen in het water zakken. Het water kruipt snel langs zijn broekspijpen omhoog. De tweede jongen capituleert eveneens en even later waden ze met hun drieŽn naar de kant.