Het voorbereiden van een les in het kader van een instructeurcursus voor een groep mensen in kanopolo bootjes is geen eenvoudige opgave. Zelf heb ik slechts enkele keren in zo'n ding gezeten en ik heb geen idee wat de heren er zoal mee doen. Het hoort kennelijk bij de moderne tijd. Het ziet er knap vermoeiend uit. Daarom wil ik het hier maar eens hebben over het voorbereiden van het les onderdeel 'omslaan'. Omslaan is een merkwaardig onderdeel van beginnerscursussen. Iedereen is gefascineerd door het item. Bijna niemand heeft het ooit (spontaan) aan de lijve ondervonden. Zelfs tijdens beginnerscursussen komt spontaan omslaan weinig voor. Zo weinig, dat je het als instructeur bewust op het programma moet nemen, omdat anders tal van toekomstige leden van de vereniging nooit hebben gezien of ondervonden wat omslaan voor consequenties heeft. Ook is dit onderdeel geschikt om het eens over kanokledij te hebben.

Het is een lastig onderdeel om het veilig in te passen in een les. Het moge duidelijk zijn, dat het geen goed idee is om zoiets te plannen aan het begin van een les. Je hebt een geschikte locatie nodig. Deze dient gelegen te zijn in de nabijheid van het clubgebouw. Bij de ene vereniging ligt dat wat gemakkelijker dan bij de andere. Bij de Windhappers is er eigenlijk geen geschikte locatie beschikbaar. Voor het oefenen van omslaan heb je water nodig, waar je niet kunt staan. Voorts is er een ondiepte in de nabijheid nodig, waar je kano's leeg kunt maken. Het is niet prettig als je de kano leeg moet maken met voeten tot de enkels in de modder. Je hebt een vrijwilliger nodig, die het voordoet. Wanneer je de leiding hebt, dan geeft het complicaties als je zelf die vrijwilliger bent. Omslaan van de cursisten gebeurt in principe op vrijwillige basis. Je hebt voldoende begeleiders nodig om omgeslagen cursisten veilig te begeleiden en te helpen bij het droog maken van de kano.


Geschikte kanokleding is altijd een opmerkelijk discussiepunt. Sommige instructeurs prenten hun leerlingen in, dat ze altijd geschikte kledij aan moeten hebben om het omslaan optimaal te kunnen doorstaan. Een beetje vreemd aangezien niemand, die enige ervaring heeft in de kano ooit spontaan omslaat. Dus de mensen zijn gekleed op een gebeurtenis, die zich nooit voordoet. Zelf adviseer ik de mensen in de boot te stappen met dezelfde kledij, waarmee ze de hele dag gewerkt hebben en waarmee ze naar de club zijn gekomen. Je kunt wel van alles meenemen in een tas en je omkleden. Maar dat is tijdrovend en weinig zinvol. Niemand slaat spontaan om.

Uit technisch oogpunt dient kanokledij te voldoen aan de volgende criteria:
1. Het moet gemakkelijk zitten.
2. Het omkleden moet geen uren duren.
3. Meerdere lagen, die afhankelijk van de omstandigheden aan of uit kunnen.

De kleding gedragen door de lachende jongen op de Lesse respectievelijk door mij tijdens een fotosessie is minder gebruikelijk. Echter feitelijk zeer geschikt voor kanovaren. Hij bestaat uit meerdere lagen. Naar omstandigheden kun je een laag verwijderen of toevoegen. Warmte is vaak een groter probleem, dan de kou. Omslaan is een gebeurtenis, die zelden voorkomt...


De onderste (altijd ingesloten) laag is een dun katoenen tshirt. Dat is nodig voor de vocht en warmteregulatie.
De tweede laag kan een overhemd zijn. Dat is de wind en damp remmende laag.
De derde laag is een trui of een hoody bij voorkeur van een materiaal, dat het water niet vasthoudt.
De vierde laag is een winddicht nylon windjack, dat gemakkelijk aan en uit getrokken kan worden naar behoefte.

Bij voorkeur in het warme seizoen geen afsluitende kledij dragen, zoals wetshoots, neopreen o.d. Dat is vrijwel altijd te warm en te zweterig.

Samengevat: Gemak dient de mens. Stap gewoon met je normale dagelijkse kleding in de boot. Dat is gewoon het prettigste. Je hoeft geen droge kleding mee te sjouwen, die je nooit nodig hebt. De opbouw van de kleding, waarmee je op de fiets stapt is dezelfde, die ook geschikt is voor een inspannende sport als kanovaren. Zelf stap ik na het eten gewoon in de auto, pak de kano en vaar weg. Het geeft niet wat er voorvalt. Nat of droog stap ik na afloop weer in  de auto en rijd naar huis alwaar een heerlijke warme douche mij wacht...


Wat te doen als je omslaat en nat bent. Het antwoord is: 'niets'. Als het goed is, dan is de derde laag binnen een minuut weer dampdroog en hervat zijn isolerende werking. Een ingesloten T-shirt hervat zijn vocht en warmte regulerende werking snel. Het maakt niet erg veel uit uit of dat droog of nat gebeurt. Het T-shirt is onder normale omstandigheden zelden helemaal droog. Het overhemd houdt geen water vast. Het windjack is prettig om de windchill te beperken. In principe kun je het met deze kledij een half uur uithouden zonder dat het lichaam al te zeer afkoelt of onderkoeling optreed.

De standaardreactie van een Nederlander om alles direct uit te trekken en naakt in de gure wind te gaan staan, is niet de juiste. Ook het blootstellen van een katoenen T-shirt aan de wind resulteert in een droog T-shirt en onderkoeling. Altijd de hoody aanhouden! Natte kleding is nog steeds isolerend. Het verlies aan isolatievermogen is slechts tijdelijk. Natte kleding opgebouwd uit meerdere lagen heeft sterk de voorkeur boven 'geen kleding'. Reservekleding op de club is handig maar niet noodzakelijk. Tegen de tijd, dat je op de club bent, ben je meestal alweer vrijwel droog. Uitgelekt kun je zo in de auto of op de fiets stappen en naar huis rijden. Stoelen van auto's zijn erop ingericht zweet of ander vocht op adequate wijze af te voeren zonder zichtbare schade aan het interieur.
 


Bij omslaan moet je je verstand erbij houden. Paniek maakt het alleen maar erger. Soms kun je nog wat redderen met de hoge steun. Je bent wel nat, maar niet compleet. Bij omslaan is het vaak mogelijk de schouders droog te houden. Bij demonstraties ook in diep water zorg ik er altijd voor enerzijds realistisch gekleed te zijn en anderzijds, dat mijn schouders droog blijven. Dat scheelt een factor twee in het discomfort en het afkoelingseffect. Ook bij deze demonstraties is het de kunst om direct de kano recht te draaien en de peddel te grijpen. Dat beperkt de schade. Een half volle kano maak je gemakkelijker leeg, dan een volledig gezonken kano. Zoek zo snel mogelijk een geschikte locatie om de kano leeg te maken. Ondiep water is het meest geschikt.

Leegmaken van een kano is een handigheidje. In het water moet het meeste water uit de kano. Dat doe je door bij de ondiepte naast de kano te gaan staan bij de kuip en voorzichtig een opwaartse kracht uit te oefenen. Als het goed is, loopt dan de overmaat van het water langzaam uit de boot zonder dat je je rug beschadigd. Wanneer de boot op een dun laagje na leeg is, dan kun je de voor- of achterpunt pakken. Deze naar beneden drukken om het water naar je toe te halen en deze vervolgens om te draaien en hoog op te tillen. Met een paar slagen ben je dan 99% van het water in de boot kwijt en kun je weer veilig instappen en verder varen. De hele procedure mag niet langer dan een minuut duren. Anders sta je te lang in het water en slaat de onderkoeling toe. Een visser toekijkend aan de kant moet bij wijze van spreken een keer met de ogen knipperend je zien omslaan en weer verder zien varen...

Bij lesgeven aan een wat avontuurlijker gezelschap, waarvan je het niet erg vindt, dat de deelnemers allemaal in het water terecht komen, kun je denken aan:

Op het water wisselen van kano.
De kano zo scheef proberen te leggen, dat het water naar binnenstroomt.
Elkaar met de peddel nat laten spatten. Dat is zr goed voor de peddeltechniek. Verder totaal nutteloos...
Demonstratie bijzondere technieken als reddingen, kenteren en omslaan.
Met zn tween de hoge steun oefenen met de kano volledig op zijn zij.
Iedereen opdracht geven om te slaan om de bovenstaande procedure te oefenen.
Reddingen oefenen.