Afvaart van de Lesse
by Ton

zaterdag 12 mei ben ik met Frits naar de Ardennen geweest voor de afvaart van de Lesse. Voor de wetfans die nog steeds niet bekend zijn met dit fenomeen. De Lesse is een snelstromend riviertje in de Belgische Ardennen, net onder Dinant. Er zitten 3 grote kanoverhuurbedrijven. De afvaart van de Lesse is 21 km lang als je kiest voor de lange tocht en 12 als je de korte prefereert. Je vaart tussen werkelijk prachtig natuurschoon, maar het leukst voor ons wetfans zijn de 2 ‘barages’ aan het eind van het traject, je moet daar met de kano vanaf een ongeveer 1 meter hoog watervalletje bij de ene barage, en bij de andere van een waterglijbaantje. Een groot aantal kajaks slaat bij een van de barages om. En zeker in de zomermaanden heb je een groot aantal deelnemers die niet goed wetende wat hun te wachten staat, gewoon gekleed in de kano’s kruipen. Hoe konden we het zo treffen, 6 weken tevoren prik je zo maar een zaterdag en die blijkt dan zowaar te vallen het eerste echte zomerse weekend van deze zomer. Het was prachtig, zelfs warm weer. Geen enkel probleem om om te slaan en wat langer nat in de kajak te zitten.


“Elk voordeel eb zijn nadeel”, aldus Johan Cruiff, en dat ging ook voor ons op. Ons nadeel van het fraaie weer was, dat de anderen haast allemaal in zwemkleding in de kajaks zaten. We hebben wat dat betreft weinig leuks gezien onderweg, en dat was toch wel een lichte teleurstelling. Nog nooit eerder zag ik bij de Lesse afvaart zo weinig geklede deelnemers. Vorig jaar toen ik de bekende fotoserie maakte was het veel leuker. Toen wel volop geheel geklede jongens die omsloegen en zeiknat werden. Nu waren wij zowat de enigen die gekleed en wel in de kano zaten en kregen daar zelfs wat misprijzende opmerkingen over te horen van andere deelnemers. Maar het was een heerlijke ontspannende dag dat wel. Wat lekker als je de hele dag zo onbekommerd met je kleren aan nat kunt worden. We kozen voor de korte afvaart, omdat het ons voornamelijk te doen was om nat plezier. Frits was wel erg overbodig gekleed gezien het warme weer, die droeg boven zijn grijze cargobroek, T-shirt, trui en spijkerjack. Natuurlijk droegen we beiden schoenen, ik droeg daarbij een spijkerbroek en zwart T-shirt. Ik had eerst ook een spijkerjack aan, maar ik vond het toch wel wat te warm, en ook te zwaar toen het nat was.

Bij onze eerste stop, een kiezelstrandje tussen machtige rotspartijen, dronken we wat bij de kiosk, daar speciaal ten behoeve van de kanovaarders neergezet. Aan de overzijde stonden twee Engels sprekende jongens. Aan kleding en rugzakken te oordelen, waren ze bezig aan een trektocht en hun stafkaart gaf hier een doorwaadbare plaats aan. Voorzichtig werd met stokken in het water geprikt om te peilen hoe diep het was. Want wat versta je onder doorwaadbaar, kuitdiep, heupdiep of erger. Zelfs heb ik bij een wadlooptocht wel eens een z.g. doorwaadbare plaats moeten overzwemmen! De avonturiers aan de overzijde waagden het er op, de broekspijpen werden omhoog geschoven. De ene jongen deed de schoenen uit, de andere hield ze aan. Dat laatste leek mij ook verstandiger aangezien de bodem van de Lesse uit scherpe stenen bestaat. De schade leek in eerste instantie mee te vallen, weliswaar werd ook de  onderkant van de omhooggeschoven broekspijpen nat, maar verder dan net boven de knie reikte het water niet.

Tot men net voor het bereiken van de veilige overkant plotseling in een diepe geul stapte, ineens stonden de jongens tot hun middel in het water. Op het kiezelstrandje gingen de rugzakken uit en werd de schade opgenomen. Een van de jongens strijkt eens over zijn kletsnatte kaki broek en kijkt dan verlangend naar het koele water. Hij kan de verleiding niet weerstaan, gaat terug in het water zakt een keer door de knieën, en laat er zich languit in vallen. Tot zijn borst in het water zittend horen wij hem uitroepen “**** There is a bridge”. Nu pas ziet hij, de spoorbrug die het dal overspant. Andere wandelaars nemen inderdaad de spoorbrug i.p.v. de doorwaadbare plaats. Zijn maat is inmiddels ook wat komen pootje baden, hij wordt plagerig nat gespat door de volkomen doorweekte wandelaar, maar de verwachte worsteling waarbij ook hij volledig ten onder zal gaan, blijft uit.

Na deze stop (we zijn dan zelf nog droog) krijgen we al snel het prachtige kasteel van Walzin in het vizier, dat hoog op de rotsen boven de Lesse uittorent, werkelijk een magnifiek gezicht. Onder het kasteel is de 1e barage. Die namen we feilloos, maar ik nam hem op het punt waar je een enorme vloedgolf over je heen krijgt. Ik was van voren van top tot teen nat. Nu ik toch nat was ben ik naar de overkant gewaad, tegen de stroom heen over de stuw gekropen, het was nergens dieper dan tot mijn middel.

Op dat moment droeg ik op mijn donkerblauwe Wrangler spijkerbroek (speciaal gekocht om mee te zwemmen) en zwart T-shirt, nog mijn spijkerjack. Aan de overkant was een steigertje, waar ik vanaf gesprongen ben, zodat ik nu helemaal nat was. Het was heerlijk zo met al je kleren aan wat te spelen in het water. Beiden gingen we nog druipend wat drinken bij het terrasje boven de stuw. Men kijkt daarvan niet op, het zal wel meer gebeuren. Mijn spijkerjack had ik op dat moment wel uitgedaan, het werd zo zwaar van nattigheid. Frits hield zijn spijkerjack de hele dag aan.

Van boven af zagen we een mogelijkheid om de kajaks over de stuw te slepen (terug dus) en de stuw nog een keer te nemen. Zelf sloeg ik die 2e keer expres om. Ik wilde wel eens ervaren hoe het is om in de kolkende watermassa kopje onder te gaan. Toen deed ik iets doms, door de snelle stroom dreven zowel mijn baseballpetje en mijn peddel snel weg. Ik koos er voor om eerst mijn pet te redden, maar kon toen de peddel niet meer achterhalen. Frits heeft de stuw wel een keer of zes genomen, op allerlei mogelijke manieren, vooruit, achteruit, dwars ect. Tot ook hij een eindelijk ook een keer ondersteboven ging.

Bij de stuw van Walzin waren 2 jongens en een meisje wat aan het spelen. De jongens in zwarte wetsuits, en het meisje in een strakke spijkerbroek en een strak truitje. Hoewel het meisje nog droog was, ging ze toch met de twee jongens het water in, dat is daar niet dieper dan ongeveer 60 cm, maar de jongens zorgden er wel voor dat ook het meisje snel helemaal nat was. Het drietal liet een mooi schouwspel zien, ze kropen een aantal keren op de stuw en gebruikten deze als waterglijbaan, om in de bruisende watermassa onder de stuw te verdwijnen. Het was werkelijk een fraai gezicht om ze daar iedere keer uit op te zien rijzen, de jongens in hun strakke wetsuits, glimmend en glinsterend van het nat en het meisje druipend in haar strakke jeans en paars truitje.

Ondertussen stond ik zelf nog steeds zonder peddel, hoe de tocht nu verder te vervolgen. Gelukkig waren er kajakkers die onderweg een verloren peddel gevonden hadden, die kon ik meekrijgen. Want zonder peddel kajakken dat lukt natuurlijk niet. Bij de 2e stuw aan de Pont de la Lesse, kregen we wederom een enorme vloedgolf over ons heen. Omdat hier ook een camping is, zit er altijd veel publiek te kijken en voelde ik me ook enigszins bekeken, om opnieuw gekleed en wel wat in het water te gaan pionieren. Frits trok zich daar niets van aan, en liep door het sterk stromend water naar een kiezelstrandje aan de overzijde. Hij nam een wat ongelukkige weg terug, het water was daar veel dieper, hij hoefde net niet te zwemmen.

Het eindpunt kwam sneller in zicht dan wij vermoedden. Omdat we nog een keer nat wilden worden peddelden wij een stuk terug tegen de stroom in. Op een geschikte plaats sloeg Frits nog een keer om gewoon vrijwillig, zelf had ik geen zin om die logge huurkano te laten leeglopen en ben er gewoon in het water gesprongen om nog wat te zwemmen. Het was op deze plaats, dat we wat meewarige opmerkingen hoorde van mede kajakkers, die zich verbaasden omdat we volledig gekleed en drijfnat waren. Ze hadden goed kunnen zien, dat we het er gewoon om deden. Mijn voornemen om bij het eindpunt nogmaals in het water te vallen, ging de mist in. Toen ik wat te vroeg uit wilden stappen, werd mijn kajak door een van de helpers op de kant voortvarend op het droge getrokken, zodat ik op de steiger kon uitstappen. Bij het eindpunt is omkleedgelegenheid en zijn zelfs warme douches.

Hier gebeurde echter nog iets merkwaardigs. Nadat we beiden weer in droge kleding stonden, was ik Frits plots kwijt. Ik zocht op het terras, in de kleedruimte en langs de steiger, en daar komt Frits plots aanlopen, druipend en wel. Hij was nog even wat gaan wandelen en had een verlaten steigertje gevonden en daar moet iets gebeurd zijn. In ieder geval is Frits daar met zijn droge kleding aan opnieuw te water geraakt. In het vervolg moet hij mij toch even waarschuwen als hij van die gevaarlijke dingen gaat doen. Ik beschik over alle diploma’s zwemmend redden. Ik weet niet of ik zijn ongelukkige laatste val in het water had kunnen voorkomen, maar ik had hem wel achterna kunnen springen om hulp te bieden. Dat laatste eigenlijk liever dan het eerste.

Terwijl Frits zich opnieuw ging verkleden, ben ik nog even gaan kijken, bij dat gevaarlijke steigertje, waar het ongeval gebeurd was. Zelf twijfelde ik om ook "uit te glijden". Ik heb het maar niet gedaan, ik had verder geen extra kleding bij me, maar zin had ik er wel in. Volgende keer doe ik het, dan maar nat en soppend naar huis. Frits verontschuldigde zich later dat hij mij niet gewaarschuwd had, omdat hij mij liever niet nat mee naar huis nam, in zijn auto. Volgende keer mij toch even waarschuwen Frits, samen uit, samen thuis, samen nat!