Vanzelfsprekend is het onwenselijk, dat de arbiter schoon het einde van de middag haalt. De arme man heeft daar ook totaal niet op gerekend. Evenwel in de achterhoek is men erg aardig voor elkaar. Deelnemers doen niet zomaar wat van hen verwacht wordt. De opperstalmeester had er heel wat werk aan om beide heren in de ring te krijgen met de bedoeling de arbiter zijn lang verwachtte bad in de jam te bezorgen. Hier zijn ze de arbiter en beide helden nog helemaal schoon. Nadat ze hun werk hadden gedaan en de arbiter flink door de jam hadden gerold, gingen ze nog eventjes door tegen elkaar. Ook zij eindigden daarom van top tot teen onder de jam.

 

 

 

De wedstrijd tussen beide heren begon als gebruikelijk. Arbiter vraagt de beide heren of ze klaar zijn. Na het bevestigende antwoord gaat zijn arm omlaag om het gevecht te beginnen. Onmiddellijk keren ze zich tegen de arbiter en gooien hem in de jam. Een worsteling volgt. Daarbij komt de rode broek ook in de jam terecht. De zwarte broek blijft nog langdurig schoon. Dat is enigszins tegen de verhoudingen in. Want tijdens het pleisteren van de arbiter blijft de rode gebukt staan. Kennelijk gaat het gevecht naadloos over in een tweestrijd, waarbij beiden om beurten languit in het slijm terecht komen.

 

 

Dit is het moment, dat de arbiter verder met rust wordt gelaten en de heren om beurten in de jam terecht komen. Eerst de rode en daarna de zwarte. De strijd wordt afgesloten met de plastic knuppels. Alles zit onder...